donderdag 11 april 2013

En toen was het stil ......


Nog maar een paar uur geleden rende ik vol stress door mijn huis om nog van alles te regelen. Daarna reden we op een drukke snelweg in de vrijdagmiddagspits, vol lawaai van al dat razende verkeer. Maar nu zit ik stil. Ik kijk naar buiten waar de avond valt, ik hoor een vogel fluiten in de tuin  en verder is er geen geluid te horen. Wat een contrast! Ik ben in een oase van rust en stilte terecht gekomen: met een vriendin ben ik dit weekend bij de Benedictinessen in de Onze Lieve Vrouwe Abdij in Oosterhout.

Nog maar enkele uren ben ik hier en meteen al is er zoveel anders dan thuis. Het begint al met een maaltijd in stilte. Bij ons thuis wordt aan tafel altijd druk gepraat en vaak is er ook nog telefoon. Maar hier zitten we aan tafel en eten, verder niets. Het valt mij op hoe veel beter je het eten proeft, nu er alle aandacht voor is. Ook heb je op een andere manier juist veel aandacht voor elkaar. Iedereen kijkt goed om zich heen of iemand misschien de boter nodig heeft of brood. Zo heb je contact, maar zonder woorden.

Wanneer alles zo stil is, vallen de geluiden die er zijn extra op. Dit wordt nog versterkt door de grote ruimten die relatief leeg zijn: de inrichting is beperkt tot het hoognodige. De wanden zijn wit, de vloeren leeg. Er is geen overdaad aan spullen. Dat geeft een groot gevoel van ruimte.

de kerk van Onze Lieve Vrouwe Abdij

Opvallend is ook het strakke dagritme  ’s Morgens heel vroeg, als alles nog donker is, luidt de klok voor de eerste gebedsdienst. Als ik terugkom op mijn cel om er te lezen, hoor ik boven de donkere kloostertuin het ochtendlied van de vogels. Dan is er de bel voor het ontbijt en zo is de hele dag gestructureerd. Je zou verwachten dat je je daardoor in je vrijheid aangetast voelt. Maar het omgekeerde is het geval: het geeft je juist een gevoel van veel ruimte en tijd.

In mijn leven gaat het vaak zo anders: ik word zo vaak geleefd.

Niet ik vul mijn agenda, maar mijn agenda vult mij. (Leo Fijen, in: De reis van je hoofd naar je hart)

Hier in het klooster merk ik meteen het verschil: het vaste ritme met de vaste tijden geeft me weer zeggenschap over mijn tijd, over mijn leven. Ondanks de vele uren van gebed is er daardoor toch veel tijd.
’s Avonds sta ik nog een poos op mijn balkon. In de verte de lichtjes van het centrum en je hoort het ‘gonzen’ van de stad met het niet aflatende geluid van verkeer, muziek en lawaai. Hier, binnen de kloostermuren, is het donker en stil. Het klooster is een oase van rust in deze drukke wereld die dag en nacht doorgaat in zijn snelle tempo en vele lawaai.

Wanneer ik de volgende morgen ga wandelen, stuit ik op de kloostermuur. De muur heeft geen einde en is zo hoog dat ik er niet over heen kan kijken. Dat voelt wat vreemd: ik voel mij toch wat opgesloten of buitengesloten. Natuurlijk mag ik door de poort naar buiten, maar ik heb me voorgenomen deze dagen hier te blijven en het ritme en het leven van de zusters te delen.

de kloostermuur

Hoewel ik geniet van de rust, de stilte en het ritme van de dag, merk ik dat ik ook dingen mis. Al die witte wanden doen mij verlangen naar de gezelligheid van thuis. De ingetogenheid in het klooster doet mij verlangen naar uitbundigheid. Bij de eucharistieviering mis ik de verbinding tussen het geloof en het dagelijks leven. Totdat er ineens iets uitbundigs gebeurt. Een klein meisje dat achter ons in de bank zit, geeft bij de vredegroet de mensen naast haar een hand. Maar dan stapt ze op de knielbankjes en gaat ze de hele rij mensen af. Met een ernstig gezicht wenst ze ieder ‘de vrede van Christus’. Aan het einde van haar bank gekomen, stapt ze onze bank in. Iedereen wenst ze vrede en kijkt hen met haar wijze oogjes aan. Inmiddels is de priester al verder gegaan met de liturgie, maar zij rust niet voordat ze de laatste kerkganger vrede heeft gewenst. Dit kleine meisje was voor mij het hoogtepunt van de viering.

Na het eten is het tijd voor vertrek. Ik neem de vrede die dat meisje me gewenst heeft mee. Ik neem iets van de rust mee en ik bedenk me dat ik thuis weer meer wil zoeken naar een dagritme. Zo gaan wij vanuit deze oase van rust en ingetogenheid vrolijk ons drukke en uitbundige leven weer tegemoet.