donderdag 25 juli 2013

Met lijf en leden

Luisteren naar een lezing of een preek doen we vaker. Je luistert geconcentreerd, maakt misschien aantekeningen of je stelt na afloop een vraag. Maar bij onze cursus Keltische spiritualiteit op Iona blijft het daar niet bij. Na elke lezing is er een activiteit: dansen, een bepaalde vorm van meditatie of iets maken.

De lezing appelleert aan ons verstand. De activiteiten verbinden dat met het gevoel en de emoties. Het is wat onwennig: je geloof dansen. Velen doen eerst wat lacherig. Je moet even over een drempel heen. Na een poosje is iedereen serieus en geconcentreerd. Ik merk dat het dansen echt iets toevoegt en de woorden tot leven brengt. Het komt heel dichtbij, omdat je het zelf, lijfelijk, voelt.

wanneer alle tafels en stoelen
weggezet zijn om te gaan dansen
komt er een prachtige Keltische knoop tevoorschijn

Zo is het ook met de meditatie, volgens de Ignatiaanse methode. Daarbij gaat het erom dat je de bijbeltekst niet alleen hoort maar er deel van uit maakt. Met behulp van je verbeeldingskracht hoor je de geluiden, ruik je de geuren en word je zelf deel van het verhaal. We lezen een tekst over een wonderbare visvangst (Johannes 21: 1-14) en het is bijzonder om te horen hoe ieder zich in een andere rol in leeft. Het oude verhaal komt tot leven en is ineens heel actueel.

Een andere middag staan we naast de grote zaal waar de lezingen gehouden worden in de tuin in het gras. We gaan samen een mandala maken. Er liggen takken, schelpen, stenen, zeewier, rietstengels en ander materiaal klaar. Van een lang touw en een stokje maakt de inleidster een soort passer en ze trekt een grote cirkel in het gras die ze markeert met kiezelstenen. In deze cirkel gaan we de vier elementen uitbeelden. Ook hier zijn we wat onwennig en moeten we op gang komen. Maar even later loopt ieder druk rond, drapeert wier, schikt schelpen of veren. Er ontstaat zomaar een prachtig geheel.

mandala maken in de tuin

Waardeloos materiaal verandert voor onze ogen in een kunstwerk. En de inbreng van al die verschillende mensen vormt samen een mooi geheel. Is het zo in onze maatschappij niet veel vaker?

de mandala is klaar

Bij de evaluatie van de week worden het dansen en het mandala maken als hoogtepunten van de week genoemd. Juist mensen die erg sceptisch waren, blijken er iets aan beleefd te hebben.

Leren doe je niet alleen met je hoofd, maar ook met je handen en je  hart. Zo is dat ook met geloven. Naast een preek, mogen er ook rituelen en creatieve opdrachten zijn. Zo komen de woorden tot leven en werken ze door in onze beleving en in ons eigen bestaan.

Geloven kan niet alleen met de oren, maar mag juist ook met lijf en leden. In het protestantisme waren rituelen lange tijd wat op de achtergrond geraakt. Op Iona ervaar ik hun kracht en zeggenschap. We kunnen ook met lijf en leden geloven!

zaterdag 20 juli 2013

Moeder aarde

Wij staan in een oude kloosterruïne op het eiland Iona. Anders dan de grote abdij op het eiland is dit een vrouwenklooster geweest. Het is een ruïne, maar de grondvormen van het klooster zijn nog herkenbaar: de kerk, de refter (de eetzaal), een kloostergang met kloostertuin. Dat is nu een bloeiende tuin met wandelpad.


musje in de refter van het oude nonnenklooster op Iona

Een musje heeft hier haar woonplaats gevonden en zoekt in de refter naar iets eetbaars. Hoewel dit al lang geen klooster meer is, ervaar ik het als een plek van rust en vrede. Bij regen schuil ik in de oude sacristie en kijk naar de prachtige cirkels die de regendruppels maken in een waterplas. Bij zonnig weer zit ik in de bloeiende kloostergang en denk aan de vrouwen die hier hebben geleefd.

Bij de pelgrimage die de Iona-gemeenschap elke week organiseert, komen we ook langs dit nonnenklooster. Midden in wat de kerk was, staan we stil. Ali Newell, die onze Keltische week samen met haar man leidt, neemt het woord. Zij verbindt het vrouwelijke met het aardse en lichamelijke. Het zijn de vrouwen die de kinderen baren, vrouwen die zieken verzorgen, die voedsel klaarmaken, e.d. Zo zijn het vrouwelijke en het aardse en lichamelijke altijd verbonden geweest. Deze drie aspecten zijn in de kerk onderbelicht en ondergewaardeerd. Tot in onze tijd is dat herkenbaar: uitsluiting van vrouwen in de kerkelijke organisatie van veel kerkgenootschappen, de blinde vlek voor wat wij moeder aarde aandoen en de angst voor seksualiteit.

dansen in de kloostertuin

We worden uitgenodigd in het grasveld, midden tussen de paden die eens de kloostergang vormden, in een kring te gaan staan. Eens was dit de binnentuin, de stilteplek van de benedictinessen. In de kring zingen en dansen we het lied dat we gisteren leerden:

Mother, I feel you under my feet, mother, I feel your heart beat.
Moeder, ik voel je onder mijn voeten, moeder, ik voel je hartslag.

Wij mensen moeten meer ‘aarden’, de verbondenheid ervaren met alles wat leeft. In onze auto’s, kantoren met airco en 7-sterren hotels raken wij het contact met de schepping kwijt, en zodoende ook met onze Schepper.

ruïne van het nonnenklooster op Iona

Naast alle geweldige dingen die een mens kan bedenken en maken, is het goed om ook met beide benen op moeder aarde te staan en de verbondenheid te ervaren met de hele schepping. “Doe ik hier onze moeder aarde en onze medeschepselen goed mee?”, als we ons dat toch steeds eens bewust af zouden vragen ...

Het aardse, vrouwelijke, lichamelijke  verbindt ons met de hele schepping en daarin met het goddelijke. Het zou goed zijn als er in onze kerken en in onze wereld meer aandacht voor deze kanten van de schepping zou zijn.


donderdag 11 juli 2013

Wat is ons heilig?

Wat is ons heilig? Veel dingen die vroeger heilig waren voor veel mensen, zijn dat niet meer. En toch – er zijn nog steeds dingen die voor mensen ‘heilig’ zijn: eerbiedwaardig, verheven.

tombe van Saint Mungo in de crypte van Glasgow Cathedral

Ik ben in Glasgow. In de grote kathedraal wordt een rondleiding gegeven. De kathedraal vertelt een  geschiedenis van meer dan 1000 jaar. In de crypte is de tombe van Saint Mungo, een Schotse heilige uit de zesde eeuw. Een veelkleurig patchwork kleed siert de tombe. Maar er is ook een modern glasraam, ter ere van het millenium. Het heeft als thema: ‘groei’ en is gemaakt met jongeren van verschillende scholen en zo verbindt het die oude kerk en oude heilige met de toekomst. De rondleidster vertelt hoe de kerken van Glasgow in deze tijd bezig zijn met respect en begrip voor andere religies.

millenium-raam Glasgow Catherdral

In het museum naast de kathedraal, genoemd naar Saint Mungo, is een expositie over de verschillende religies. Het verrassende is dat de religies niet per zaal gescheiden tentoongesteld zijn, maar thematisch. Elk thema is uitgewerkt in een vitrine en de tekst is in veel talen te lezen, zelfs in Chinees en Hindi. Er zijn bijvoorbeeld vitrines over geboorte, huwelijk en sterven, waarbij je een bonte mengeling ziet van tradities en rituelen rond dat thema. Bij de joden is er de besnijdenis, bij de Christenen de doop en zo heeft iedere godsdienst eigen feesten en rituelen bij de verschillende levensfases.

Er zijn filmpjes te zien van religieuze rituelen. Ik bekijk ze allemaal. Sommige rituelen ken ik: bijvoorbeeld een orthodoxe jood die zijn gebedsriemen omdoet. Andere zijn mij volledig vreemd en zou ik niet als een religieus ritueel herkennen.

Bij twee filmpjes word ik geraakt: een jongenskoor zingt een Engelse hymne en een boeddhistische monnik doet in stilte zijn loopmeditatie. Dit zijn twee tradities waar ik me mee verwant voel en die een gevoel van herkenning bij mij oproepen. Dit is voor mij ook heilig: die prachtige kerkmuziek en de stilte van de meditatie. Deze twee rituelen raken aan mijn eigen ervaring en geschiedenis. De andere rituelen zeggen en doen mij niets omdat ik ze niet ken. Wat is een mens dan toch beperkt in wat hij kan begrijpen.

verklaring van 'The Glasgow forum of faiths'

Het museum opent mij de ogen voor het feit dat we moeten leren wat voor een ander heilig is, want het spreekt vaak helemaal niet vanzelf. Wij herkennen wat voor de ander heilig is vaak niet eens  als iets heiligs. Daarom is het van groot belang dat mensen elkaars religie leren kennen, dat er openheid is naar elkaar toe. Aan het eind van de expositie hangt de verklaring van “The Glasgow forum of faiths”, ondertekend door vertegenwoordigers van verschillende religies. De doelstelling van dit forum is het bevorderen van de dialoog tussen de religies, het wegnemen van vooroordelen en het respectvol met elkaar omgaan. Vanuit de gedeelde religieuze waarden willen zij samenwerken en iets voor de maatschappij betekenen.

logo van het forum, foto van internet

Het veelkleurige kleed over de tombe van Saint Mungo krijgt voor mij zodoende symbolische betekenis: in het museum dat naar hem genoemd is wordt de veelkleurigheid van de religies zichtbaar. Toch zijn zij allemaal samen deel van dat ene kleed dat onze maatschappij vormt. Het is goed om die andere kleuren te leren kennen: om te ervaren hoe andere religies dingen vorm geven. Er valt nog veel te leren, want er is véél meer heilig dan je denkt. En wanneer religies elkaar niet bestrijden, maar samen werken, kunnen ze iets voor onze wereld betekenen: daar in het Schotse Glasgow, maar ook in Nederland.

Wat is mij heilig? Een open houding naar elkaar. Dat is het begin. Respect en begrip ... omdat er zoveel in onze wereld is dat heilig is. Voor anderen, voor onszelf, en voor ons samen.


vrijdag 5 juli 2013

Levende bezems

Twee boeken hebben op mij als kind grote indruk gemaakt: het boek ‘Levende bezems’ van Liza Tetzner en ‘De negerhut van Oom Tom’. Beide gaan over slavernij: het ene in Italië, waar jonge kinderen als schoorsteenvegertjes moesten werken, waarbij ze als levende bezems door de soms nog hete schoorstenen heen moesten. Het andere vertelt de lotgevallen van zwarte slaven in Amerika, waarbij vooral dat deel van het boek waarin een slavenkind verkocht dreigt de worden en de moeder in haar wanhoop met het kind vlucht, mij erg aangreep.


Dat je als mens geen zeggenschap hebt over je eigen lijf en leven – dat moet vreselijk zijn. Wij, opgegroeid in vrijheid en met vele keuzemogelijkheden kunnen ons dat niet voorstellen. Dat mensen om hun andere huidskleur niet als mens behandeld hoefden te worden, is onvoorstelbaar.

De mensonterende praktijken van de slavenhandel hebben veel levens verwoest. Zouden mijn verre voorouders daaraan hebben bijgedragen? In elk geval hebben wij Nederlandersonze rijkdom en welvaart ook aan dát deel van onze geschiedenis te danken. De rijkdom die óns zoveel vrijheid gaf, ging ten koste van de vrijheid van anderen.

Het is een enorme vooruitgang dat de slavernij is afgeschaft. Maar ik besef dat de afschaffing op papier nog niet overal is doorgedrongen in de zo weerbarstige dagelijkse praktijk. Hoeveel van mijn kleren zijn door kinderen genaaid? In onze tijd worden kinderen niet meer door schoorstenen gejaagd, maar wel moeten zij 16 uur per dag onder erbarmelijke omstandigheden kleren naaien. Hoeveel textielarbeiders werken in mensonterende en levensgevaarlijke omstandigheden? Zovelen werken aan de producten die wij (goedkoop!) kunnen aanschaffen, niet onder arbeidsomstandigheden die wij zelf nooit zouden accepteren.

Excuses maken voor toen – dat is één. Maar twee is, denk ik, nóg belangrijker: de verborgen slavernij van onze tijd aanpakken. Kinderarbeid, mensenhandel voor prostitutie: slavernij is ook in onze tijd nog springlevend.


De afschaffing van de slavernij is een wezenlijke stap geweest: de erkenning dat de ene mens niet het eigendom van de andere mens mag zijn. Maar het is maar een begin en het vraagt om een vervolg: slaafvrije chocolade – maar ook slaafvrije jeans en t-shirts en slaafvrije Wallen. Omdat ieder mens er één is en omdat die ander een mens is als ik.


vrijdag 28 juni 2013

Groot is de wereld ....

Een nichtje van ons is moeder geworden. Inmiddels is het kleine meisje al weer een half jaar. We zijn op bezoek en ik mag haar vasthouden. Een tijdje zit ze mooi, maar dan komt er een grote onrust over haar. Ze plant haar kleine voetjes op mijn schoot en ze gaat staan. Je voelt hoe het een krachtsinspanning is en hoe ze af en toe inzakt, maar dan met grote wil weer kracht zet. Haar kleine voetjes staan aan het begin van een lange levensreis.

Onze voeten dragen ons het leven door. We staan, we lopen, we rennen – we gebruiken onze voeten de hele dag. Toen ik eens aan een van mijn voeten geopereerd was, merkte ik pas hoe slecht ik ze kon missen. De meest gewone dingen werden ineens een ingewikkelde opgave.

Nu hebben ónze voeten nog geluk: ze zitten vaak in comfortabel schoeisel en ze krijgen genoeg rust. Hoe anders was dat in de geschiedenis en hoe anders is het nog voor veel mensen overal op de wereld. Met onze kinderen liep ik eens een blote-voeten-pad. Het is een bijzondere sensatie om met je voeten te voelen en bewust te ervaren waar je loopt: kleine steentjes die aan je voeten prikken, zacht warm zand of leem dat zich nat en zacht naar je voeten voegt. Soms lijkt ons leven op een pad vol scherpe stenen en valt het je voeten zwaar om je te dragen. Soms lijkt ons leven op drijfzand en kun je niet stevig staan. Soms loop je door je leven als door een zacht gazon.

Je voeten brengen je stap voor stap verder op je levensweg. Soms grote blijde stappen, soms kleine bange. Soms valt de weg je lang, soms is er zoveel te zien en te beleven dat het vanzelf lijkt te gaan.

labyrinth in de Lebuïnus in Deventer

Ik kom graag in de Lebuïnus kerk in Deventer – mijn dochter woont er vlakbij. Als ik bij haar ben ga ik er steevast een poosje naar binnen: de kerk is elke dag open. Terwijl ik door de kerk liep om een kaars aan te gaan steken, stuitte ik op een labyrint. Het was door een groep mensen gelegde op de oude stenen vloer. Twee koorden vormden samen een pad, rond en rond, tot in het midden waar een kaars stond te branden.

Daar onder die hoge gewelven betrad ik het pad: in grote cirkels naar het midden of juist weer er van af. Een labyrint is als het leven zelf: je cirkelt om het geheim en er is geen snelle rechte weg. Omwegen zien we tegenwoordig als tijdsverspilling of als kapitaalvernietiging. Maar juist de omwegen geven ons vaak een nieuwe invalshoek en een nieuwe horizon. Uiteindelijk eindig ik in het midden bij de brandende kaars. Het is een mooi symbool van ons op weg zijn naar het licht. Onze levensweg mag een weg zijn naar het licht. En zelfs de omwegen brengen ons uiteindelijk bij ons doel. Stapje voor stapje.

mandala bij psalm 139: op weg naar het licht

De weg van het labyrint is duidelijk. Maar zo makkelijk hebben onze voeten het niet altijd. Soms moeten ze zoeken. Soms moet je juist buiten de gebaande paden gaan, je eigen weg zoeken. Een Chinees gezegde zegt:

Als er geen weg is tussen twee dorpen
en duizend mensen gaan van het ene naar het andere dorp
dan is er een weg

Een lied van Huub Oosterhuis zingt het zo:

Groot is de wereld
en lang duurt de tijd
maar klein zijn de voeten
die gaan waar geen wegen gaan
overal heen.

Dat onze voeten maar moedig op weg gaan, stapje voor stapje, op weg naar het licht!



Dit weblog verscheen eerder als column in 'In Gesprek', maandblad van de PVO.

donderdag 20 juni 2013

Alles wat leeft, verandert

Dat wat je kent, dat is er toch altijd geweest? Vaak voelen we dat zo. We weten niet beter of het gaat altijd al zo en dus is het zo.  Zo is dat met veel dingen: het is maar net hoe je het geleerd hebt, waar je bent opgegroeid en wat je meegekregen hebt. Dat kennen we en daar houden we aan vast. Vaak gaat dat onbewust. In ieders leven zijn er dan van die momenten waarop ineens blijkt dat het ook anders kan. Soms is dat bedreigend, soms een bevrijding.

Het geloof is vaak iets wat we nemen zoals het ons geleerd wordt. Tijdens een studieweek Keltische spiritualiteit op het Schotse eiland Iona besefte ik weer eens dat ons geloof een geschiedenis heeft. Het heeft zich gedurende vele eeuwen ontwikkeld en de keuzes die daarin ooit gemaakt zijn, zijn bepalend voor hoe het hier en nu is.

Sommige theologische stromingen zijn ooit verketterd, uitgeroeid. Andere hebben het afgelegd tegen stromingen die sterker waren, die de macht naar zich toe trokken. Zo is de Keltische spiritualiteit destijds naar de marges van Europa verdreven. Er zijn toen andere keuzes gemaakt, andere wegen ingeslagen. Nu ontstaat er een hernieuwde belangstelling voor stromingen die het destijds niet gered hebben, die gemarginaliseerd werden. Zouden die ons iets te zeggen hebben in onze tijd, waarin het geloof weer erg in ontwikkeling is?

Zo komt het dat een hele groep mensen een week op het eiland Iona, aan de rand van Europa, bij elkaar komt en nadenkt over wat het Keltisch Christendom ons te bieden heeft. Velen van ons ervaren dat de kerk niet meer vanzelfsprekend is in deze tijd. De kerk van onze tijd is op zoek, en dat verbindt ons met het begin van het Christendom.

de oude abdij van Iona

In de zesde eeuw kwamen Ierse monniken in kleine bootjes over de oceaan op Iona aan. Ze zochten er Gods licht in die ander en ze kwamen het verhaal van Jezus vertellen. Zij waren open voor de ander met zijn eigen traditie en verbonden zich daarmee. Zo ontstond uit die verschillende tradities samen iets nieuws en werd het Keltisch Christendom geboren.

Wij mensen willen tradities vaak vast zetten, in steen beitelen, onveranderlijk maken. Maar dan gaat het leven eruit. Want alles wat leeft is niet statisch, maar juist in beweging. De theoloog Newell noemt dat ‘the unfolding of creation, ‘het ontvouwen van de schepping’. Het is nog niet klaar, niet af, maar het ontwikkelt zich verder en verder. Het is in beweging, het stroomt. In die beweging, in dit ontvouwen, komt het goddelijke aan het licht.

Waarom zijn we vaak zo bang voor nieuwe dingen, nieuwe vormen van geloven? Geloof is in onze tijd vaak als een foto van een rivier. Maar daarin is de essentie van de rivier niet te vinden, want een rivier is niet statisch, maar stroomt. Zo is het goddelijke niet statisch, maar het ontvouwt zich verder en verder. Dat vraagt om openheid:

In de gave van deze nieuwe dag
in de gave van dit huidige moment
waarin tijd en eeuwigheid vervlochten zijn,
laat ons open zijn
voor dat wat nog nooit eerder was
in de gave van deze nieuwe dag
in de gave van dit huidige moment.

(een gebed van John Phillip Newell)

voor wie meer wil lezen over de geschiedenis van de Keltische spiritualiteit: 
Ian Bradley, Keltische spiritualiteit, een oud geloof met perspectieven voor de toekomst

donderdag 13 juni 2013

Kijk eens om je heen

Sommige mensen gaan graag naar plaatsen die nieuw voor ze zijn. Anderen gaan jaar in jaar uit naar dezelfde streek of zelfs dezelfde camping op vakantie. Voor allebei is iets te zeggen. Want nieuwe dingen dagen je uit en helpen je horizon verbreden. En vertrouwde dingen kunnen steeds rijker worden omdat je ze steeds beter leert kennen.

Vorig jaar was ik voor het eerst op Iona, klein eiland aan de Westkust van Schotland, waar in het oude klooster een geloofsgemeenschap woont. Ik keek mijn ogen uit, beleefde veel nieuwe dingen. Nu was ik er in mei weer. Veel dingen herkende ik van de vorige keer. Het maakte dat ik me meteen thuisvoelde. Anderen dingen vielen me nu pas op – dingen die ik destijds over het hoofd gezien had. Want al die nieuwe indrukken, die neem je niet meteen allemaal in je op. 

Bovendien is de Ionagemeenschap elke keer anders van samenstelling. Het is geen klooster waar mensen levenslang blijven. Ook de staf werkt en woont hier tijdelijk, enkele maanden of jaren. Samen met de gasten en vrijwilligers vormen ze elke week weer een nieuwe gemeenschap.

aan de maaltijd in de refter

Wie naar Iona gaat, gaat niet bij de gemeenschap van Iona op bezoek, maar wordt zelf voor die tijd onderdeel van de gemeenschap. Ik kan niet van een afstand toekijken, maar maak er zelf deel van uit. Wij vormen samen de gemeenschap van Iona. Op de heenreis zit ik in een trein vol onbekende vreemden. Maar wat blijkt: velen daarvan vormen deze week met mij en met de staf van dit moment een gemeenschap.

Samen wassen we af en maken we schoon. Samen verdiepen we ons in de Keltische spiritualiteit o.l.v. het theologen-echtpaar Newell. In de Keltische spiritualiteit wordt God niet alleen gevonden in de bijbelverhalen en de kerkelijke leer, maar ook in alles wat ons omringt, in heel de schepping. Dit betekent dat het geloof meteen meer deel is van het dagelijks leven. God is niet ver weg en hoog verheven, maar heel dichtbij in de gewone dingen. Het goddelijke vinden we in de natuur en in de mensen. Newell zegt: ‘We zijn niet dóór God gemaakt, maar ván God’.

Er wordt meditatieve muziek aangezet; een lied om mee te zingen:
Whichever way you turn, there is the face of God.
Waarheen je je ook wendt, daar is Gods aangezicht.
(tekst uit de Koran: Soera 2: 115)

Wanneer het lied afgelopen is, zegt onze inleider: doe je ogen open, en kijk om je heen. Ineens heb ik het begrepen: in al deze mensen mag ik iets van God zien. Wat zou de wereld er anders uitzien als we dat zouden toepassen! 

Op de terugreis ken ik in elke coupé mensen: ik maak overal een praatje en op het station van Oban zwaaien we elkaar uit.
 
Inmiddels ben ik weer thuis. Maar ik voel me nog met hen verbonden. De grote steen, meegenomen van het strand herinnert me aan Bob uit Amerika, bij de afwas denk ik aan Kevin uit Engeland. Die verbondenheid gaat over grenzen en oceanen heen. Waarheen je je ook wendt, daar is Gods aangezicht. Die verbondenheid gaat ook over kerkmuren heen, over verschillen in religie, inzichten, cultuur en afkomst. Dat oude Keltische geloof biedt ons een enorme uitdaging. Wie durft?